Overdag eten we hier koffiekoekjes en appeltaart, ‘s avonds nacho’s en tosti’s. De menukaart van De Plantage is beperkt, want, zo de eigenaar, ‘schrijvers eten niet, schrijvers drinken.’ De Plantage is ons café en wij, wij zijn de schrijvers van de toekomst. Nergens gaan de koffiekoekjes er zo snel doorheen als hier.
De witte roosjes gaan in een draagtasje, de rozenknoppen piepen net boven de rand uit, waarna het zakje aan mijn stuur hangt te bungelen. Er zullen al genoeg chrysanten staan, bedenk ik, twee dagen na Allerzielen. Het is een mooie dag om te fietsen. Maar als ik nog redelijk stabiel mijn straat uitrijd, dan wordt mijn evenwicht op de Britse Lei serieus beproefd. Het is maar een klein stukje naar de Amerika Lei waar ik alweer moet afslaan – de Brederodestraat in, dan steek je de singel en de ring over via de brug en dan steeds rechtdoor langs de Bernardse Steenweg, je kan niet missen -, maar op dat korte eind knallen er al drie herfstbladeren tegen mijn hoofd. Ik ben nooit een goed fietser geweest, altijd roekeloos, zwalpend, een gevaar voor het verkeer, maar op de Bernardse Steenweg krijg ik het pas echt benauwd.